brandpunt
brandpunt

De Spaanse wolvenplaag - 4649 redenen om na te denken voor je de wolf omarmt

Door Redactie Brandpunt - in Brandpunt

Iván García Valdunciel (36) ziet de zomer met angst en beven tegemoet. In zijn streek, in de Noordwest-Spaanse provincie Zamora, zijn de zomers heet en droog. Maar dat is niet waar de jonge schapenhouder uit het dorpje San Miguel de la Ribera bang voor is. Iván vreest de wolven.

door Lex Rietman

Over een paar maanden is het zomer en dan staat het graan hoog. Op deze kale vlakte, even ten zuiden van de rivier Duero, biedt dat een ideale schuilplaats voor de wolvenroedels die hier de laatste tijd steeds vaker opduiken.

Wolf niet meer bang voor mens

Dat is leuk voor de natuurliefhebbers. Maar het is een ramp voor de extensieve veehouderij, uitgerekend de meest ecologisch verantwoorde vorm van veeteelt. Iván heeft zo'n extensieve veehouderij. Overdag lopen zijn schapen los in het vrije veld. De nacht brengen ze door in de corral, een omheind erf van twee voetbalvelden groot.

Tot voor kort was dat nooit een probleem. Maar vorig zomer begonnen de aanvallen. In amper twee maanden tijd richtten wolvenroedels uit de omgeving een waar bloedbad aan onder zijn veestapel van duizend schapen. Meer dan twintig aanvallen kreeg hij te verduren. Iván verloor 180 schapen. "De wolf heeft de angst voor de mens verloren," zegt hij. Het gevolg is dat de mens hier weer als de dood is voor de wolf.

In Spanje is de wolf nooit uitgestorven. In de jaren 1970 was het even kantje boord, maar door de invoering van een gedeeltelijke bescherming kon de soort zich nog net handhaven in het noordwesten van het land. Vanuit deze streek, grofweg gelegen tussen de Picos de Europa en de Sierra de la Culebra aan de grens met Portugal, begon de Iberische wolf aan een comeback.

De populatie nam geleidelijk aan toe en het verspreidingsgebied breidde zich uit. Volgens de officiële cijfers zijn er nu 297 roedels met in totaal 2500 wolven. Daarmee is Spanje de onbetwiste koploper in West-Europa. En de opmars gaat door. Vandaag telt het land 20 procent meer wolven dan tien jaar geleden.

Wolven zorgen voor miljoenenschade bij boeren

Iván García Valdunciel is dan ook niet de enige veehouder die de wolf op bezoek heeft gehad. Vorig jaar werden 4649 aanvallen op Spaanse boerenbedrijven geregistreerd. Daarbij werden zo'n tienduizend schapen, kalveren en veulens gedood. Geografisch beperken de aanvallen zich allang niet meer tot het traditionele wolvenbolwerk van Noordwest-Spanje boven de Duero. In acht van de zeventien Spaanse regio's zijn permanente roedels waargenomen. Vooral ten zuiden van de Douro, het deel van Spanje waar de wolf een beschermde soort is, verovert hij snel terrein.

Tekenend is de situatie in de regio Madrid. In 2013 werden daar vijftien wolvenaanvallen op veehouderijen geteld. Vorig jaar waren het er 251, ruim vijftienmaal zo veel. De schade voor de boeren – als gevolg van gedode en gewonde dieren, lagere melkproductie door stress en beschermende maatregelen – loopt in de miljoenen. En als ze al een schadevergoeding ontvangen, is die onvoldoende om de gederfde inkomsten te dekken.

Bescherming tegen wolvenaanvallen is kostbaar. In de extensieve veeteelt is het zelfs praktisch onmogelijk om de kudde afdoende te beschermen. Iván García probeerde het met Iberische doggen. Maar die werken alleen als een enkele wolf de kudde aanvalt, want voor elke aanvaller heb je drie doggen nodig. Kanonsalvo's hebben maar een paar dagen zin. Dan zijn de wolven eraan gewend.

Afgehakte wolvenkop als statement

De frustratie bij de boeren is groot. Ze voelen zich onbegrepen door natuurbeschermers en bestuurders die in hun ogen een idyllisch en naïef beeld hebben van de realiteit op het platteland. "Stadsmensen die zelf de natuur vernietigen komen ons vertellen hoe wij het milieu moeten beschermen", zegt Aurelio González van de boerenorganisatie UPA. "Ze denken dat de natuur een film van Walt Disney is. Maar de realiteit is dat de wolf het enige dier is dat doodt om te doden. Bij een aanval nemen ze zo veel mogelijk vee te grazen, niet alleen wat ze op kunnen eten."

Vorig jaar ontlaadde de frustratie zich in een wraakactie die veel aandacht kreeg. In Asturië, een van de regio's waar veehouders dagelijks met aanvallen van wolven te maken hebben, werd de afgehakte kop van een wolf gevonden. De wolfskop hing demonstratief aan een verkeersbord langs de weg. In het naburige Cantabrië kwam een veehouder op het idee om vergiftigd lokaas voor de wolven neer te leggen. Hij kreeg twee jaar celstraf opgelegd.

De boerenorganisaties wijzen dit soort radicale reacties af. Zij dringen aan op een betere regulering van het wolvenbestand. "Als we willen dat er mensen op het platteland leven is beheersing van de natuurlijke ruimte nodig," zegt Diego Juste van de bond van kleine boeren. "Controle is nodig om naast elkaar te kunnen leven. Ongebreidelde expansie van de wolf betekent het einde van de extensieve veeteelt."

Nieuwe tegenslag

Vorige week kregen de Spaanse veehouders een nieuwe tegenslag te verwerken. Het parlement riep de regering in een motie op om de Iberische wolf "volledige bescheming" te bieden in het hele land. De wolf zou volgens de volksvertegenwoordigers in Madrid aangemerkt moeten worden als een soort die "met uitsterven wordt bedreigd". Een halve eeuw geleden zouden ze gelijk hebben gehad.