brandpunt
brandpunt

Ingezonden brief: 'Ik raakte op mijn veertiende dakloos'

Door Annemieke Ruggenberg - in Brandpunt

Het artikel over het stijgende aantal dakloze jongeren in Nederland maakte veel los. Sjors reageerde door haar eigen ervaringsverhaal in te sturen. "Twintig jaar geleden raakte ik dakloos, maar er is nog niets verbeterd aan de positie van zwerfjongeren in Nederland." Lees hier haar ingezonden brief.

"Ik ben rond mijn veertiende dakloos geworden. Dat is al weer twintig jaar geleden. En eigenlijk is er nog niets verbeterd in het systeem. Nog steeds is er niet in alle gemeenten de mogelijkheid om een postbusadres aan te vragen om zo in aanmerking te komen voor een uitkering. Dakloze jongeren blijven op die manier vastzitten in een uitzichtloze situatie."

Minderjarig

"Toen ik dakloos was, kon ik geen gebruik maken van de voorzieningen die er waren voor daklozen. De dagopvang gaf me wel eens een kopje koffie, maar douchen en een boterham, dat zat er niet in. Daar moest je meerderjarig voor zijn. Ook als ik aanklopte bij andere instanties was dat het antwoord: 'We kunnen je niet helpen, je bent minderjarig'."

Dakloos door het systeem

"Natuurlijk is er voordat ik dakloos werd een heleboel gebeurd. En was ik bekend bij de kinderbescherming en jeugdzorg. Tot mijn zestiende had ik zelfs een toeziend voogd toegewezen gekregen. Daarna zou dat eventueel verlengd kunnen worden. Hoe raak je dan dakloos, zou je zeggen? Eigenlijk juist door dat systeem. Ik kon op een gegeven moment niet meer thuis wonen. En ik kwam via jeugdzorg terecht in een crisisopvangcentrum. Vanaf het moment dat je in dat systeem terechtkomt, wordt er ineens heel veel van een jongere verwacht."

"En daar zit de denkfout. Zodra de jongeren uit huis geplaatst zijn, worden ze ineens behandeld als zeer verantwoordelijke volwassenen. Die zonder aansporing naar school gaan, hun huiswerk netjes blijven maken, niet met verkeerde vrienden omgaan, netjes op tijd thuis komen, niet teveel drinken tijdens het uitgaan. Ook zelf rekeningen betalen, afspraken nakomen, werk zoeken en werk behouden hoorden bij die verwachte verantwoordelijkheden. Dat zijn onlogische verwachtingen van een kind in een onstabiele situatie. Een heleboel volwassenen kunnen die verantwoordelijkheden niet aan en hebben daar hulp bij nodig, het is belachelijk om dit van een kind te vragen. En als ze die verantwoording niet aankunnen, staan er ook nog eens sancties op."

Puberbrein

"Bij veel instanties geldt de regel dat als je een paar keer niet op een afspraak bent verschenen, je niet meer hoeft te komen. Als je een normaal, volwassen leven leidt, klinkt dit logisch. Maar als je nog een kind bent, dan maak je je daar echt nog niet zo druk om. Het puberbrein werkt nu eenmaal anders dan dat van een volwassene. Als je dakloos bent, heb je ook nog eens de dagelijkse zorgen over waar je die nacht zult slapen en of je wel kan eten. Afspraken staan niet heel hoog op de agenda."

Al snel was ik zwervende. En verslaafd

Op straat gezet 

"De eerste keer dat ik met regels te maken kreeg die me op straat terecht lieten komen, was kort na aankomst bij de crisisopvang. Ik zat er ongeveer een week of drie, toen ik voor de derde keer te laat kwam. Nou, aan de deur kwam. Want de toegang werd me geweigerd. Ik had immers de waarschuwing gehad en dit was de consequentie. Ik ben die avond naar een jongen gegaan die ik via via had leren kennen, hij gebruikte heroïne. Tja, het hoeft maar net een keer tegen te zitten hè. Ik werd verliefd op hem en wilde helemaal niet terug naar de crisisopvang. (Nog even ter herinnering: ik was rond de veertien, zat al jaren in het systeem, net uit huis geplaatst, en nu weer in de avond de toegang geweigerd door een 'opvangcentrum'). Het duurde niet lang voordat ik bij hem introk. Maar veertienjarige meisjes en 27-jarige mannen, dat gaat niet goed samen. Al snel was ik zwervende. O, en verslaafd. Nog niet heel ernstig, maar ik gebruikte het graag."

Verslaafd, niet verslaafd: in de opvang zit iedereen bij elkaar

Afkicken

"Mijn toeziend voogd was hier natuurlijk van op de hoogte. Maar er werd niet ingegrepen. Iedereen wist ook waar ik was. Mijn vader en moeder, de politie. Maar de verantwoording lag bij mij. Als ik zou afkicken, dan konden ze me hulp geven. Ik heb in het begin nog even in een ander crisisopvang gezeten, maar toen duidelijk werd dat ik gebruikte, werd ik ook daar letterlijk op straat gezet. Natuurlijk kun je van een kind dat op straat leeft niet verwachten om af te kicken. Ik ben nog iedere keer verbaasd als ik hier aan terugdenk." 

Verslaafd, niet verslaafd: alles zit bij elkaar

"Ik heb het uiteindelijk gered en mijn leven op orde weten te krijgen. Maar het systeem is niet verbeterd in al die jaren. Niet alle zwerfjongeren zijn verslaafd, maar daar wordt geen rekening mee gehouden. Verslaafd, niet verslaafd: in de opvang zit iedereen bij elkaar. Daar zou echt rekening mee gehouden moeten worden. Stel je bent net clean, dan wil je echt niet tussen de drugs zitten." 

Steeds meer online geregel

"Tegenwoordig moet ook steeds meer online geregeld worden, bijvoorbeeld met je DigiD. Maar dat soort dingen zeggen je echt niets als je de nacht ervoor uit een portiek gejaagd bent en een nieuwe slaapplek moet vinden. Maar daardoor ontstaat er wel steeds meer verwijdering van de maatschappij en wordt de kans nog kleiner dat iemand weer een normaal en goed leven zal gaan leiden. Daar zouden gemeenten oplossingen voor moeten bieden." 

Deze ingezonden brief is een reactie op het verhaal van deze twee dakloze jongeren.