brandpunt
brandpunt

Alles wat er met het klimaat gebeurt, merk je het eerst op de Noordpool

Door Sacha de Boer - in Brandpunt

Ik ga naar de Noordpool en neem mee? Zonnebrand factor 50, muggenspul en een regenjas. Niet echt spullen waar je zo aan denkt als je naar Spitsbergen, de eilandengroep tussen de Noordkaap op Noorwegen en de Noordpool, gaat.

Voor mij is dit de derde keer Noordpool, maar niet eerder was het er zo warm. In 2008 was ik er voor het eerst: in het Inuitdorpje Gjoa Haven in de Canadese provincie Nunavut. Toen merkten ze daar al subtiele en minder subtiele veranderingen in hun omgeving: er kwamen muggen. Lastig, maar niet zo erg. Langzaamaan veranderde dat. 

George Kamookak was de laatste traditionele jager van Gjoa Haven die nog met sledehonden werkte (2008).
George Kamookak was de laatste traditionele jager van Gjoa Haven die nog met sledehonden werkte (2008).

Zo werd het weer steeds onbetrouwbaarder, sloeg het eerder om. Ook werd het ijs steeds dunner, en dus gevaarlijker. Voor de traditionele jagers en vissers zorgt dat voor grote problemen. In afgelegen Noordpooldorpjes als Gjoa Haven zijn de bewoners nog grotendeels afhankelijk van de jacht en visserij; alleen in de zomer komt er een vrachtschip met bevoorrading, en op het kleine vliegveld landt slechts eens in de paar weken een vliegtuigje met vers voedsel.

De traditionele manier van vissen in Inuitdorp Gjoa Haven, Nunavut (2015).
De traditionele manier van vissen in Inuitdorp Gjoa Haven, Nunavut (2015).

In 2015 keerde ik terug en zag dat de zee nu zelfs helemaal niet meer bevroor. Normaal gesproken zou het water eind oktober al lang dicht moeten zijn, zodat de bewoners met hun sledes en sneeuwscooters het ijs op konden en hun netten via een wak konden laten zakken om te vissen. Uitzichtloosheid is daarom ook het woord dat hier steeds door mijn hoofd schiet. Maar wegtrekken uit dit afgelegen gebied dat al eeuwenlang door je voorvaderen wordt bewoond, is voor een Inuit niet makkelijk. Zo niet onmogelijk. En vooral: onbetaalbaar.

Iedereen kent de beelden van instortende gletsjers die je steeds als het symboolbeeld ziet van klimaatverandering. Pas dit jaar heb ik dat voor het eerst met eigen ogen gezien. Het is onwerkelijk om mee te maken. Ten eerste heerst er stilte die maar met één geluid gevuld wordt: het kristalheldere geklingel en tingel van smeltend ijs in het water om je heen. Het klinkt hetzelfde als ijsblokjes in je glas frisdrank, maar dan op gigantische schaal. Het is een beeldschoon en tegelijkertijd verontrustend geluid. Vervolgens zie je in de verte een groot stuk ijs in zee storten. Nog steeds in ijzige klingelstilte. En dan, als het eigenlijk al achter de rug lijkt, komt er onheilspellend donderend geraas. 

Als een stuk van de gletsjer afbreekt, hoor je nog niets. Het donderend geraas volgt pas seconden later.
Als een stuk van de gletsjer afbreekt, hoor je nog niets. Het donderend geraas volgt pas seconden later.

Alles wat met het klimaat gebeurt, merk je het allereerst op de Noordpool. Het warmt er sneller op, zowel de zee als de aarde. Het regent er meer en vaker, met aardverschuivingen en modderlawines tot gevolg. De permafrost is niet meer permanent bevroren. Hierdoor komen er gassen vrij die al eeuwen veilig opgeborgen waren in het ijs. En wat dat voor gevolgen heeft? Zelfs wetenschappers kunnen dat niet overzien. 

Eeuwenoude luchtbellen in een stuk gletsjerijs.
Eeuwenoude luchtbellen in een stuk gletsjerijs.

De wetenschappers maken zich ondertussen ernstige zorgen, want echt leuker wordt het niet. Al lijkt dat wel zo, als je zelfs op de Noordpool lekker in het zonnetje kunt zitten. Op Spitsbergen, in de hoofdstad Longyearbjen, is het een aangename veertien graden. Toeristen drinken hun cappuccino op een van de vele terrasjes, voordat ze op een karretje stappen met sledehonden ervoor en zo over het eiland worden gereden. (Wat een contrast met het Inuitdorp waar ik nooit een toerist zag. Geen wonder, een ticket daarheen kost het tienvoudige van een retourtje Spitsbergen).

Op Spitsbergen worden de sledehonden ingezet om toeristen te vervoeren.
Op Spitsbergen worden de sledehonden ingezet om toeristen te vervoeren.

Wat de Nederlandse wetenschapper Maarten Loonen – altijd op klompen – vindt van al die toeristen op ‘zijn’ Svalbard? Prima! Laat ze maar komen. Elke toerist die hier is geweest is, vertelt hij, is een ambassadeur van ons wereldwijde klimaatprobleem. Hier ervaar je het namelijk zélf. 

Poolbioloog Maarten Loonen aan het werk.
Poolbioloog Maarten Loonen aan het werk.

Foto's: Sacha de Boer.