brandpunt+
brandpunt+

Hoe Zuid-Korea haar bevolking massaal aan het recyclen kreeg

Door Jasmin Sharif en Jamie Schemkes - in Brandpunt+

De Zuid-Koreanen recyclen zich een ongeluk. In 1995 werd nog maar twee procent van de totale hoeveelheid voedselafval gerecycled - in 2009 lag dat percentage al op 95.

Volgens de Food and Agriculture Organization van de VN eindigt ruim een derde van de totale voedselproductie niet op ons bord, maar op de vuilstortplaats. Van overgebleven kiwischillen tot overtollig gekookte tagliatelle, samen zorgen die resten voor zeven procent van de wereldwijde CO2 uitstoot. Reden genoeg voor Zuid-Korea om in te grijpen.

De afgelopen decennia maakte het land een economische opmars door, en groeide uit tot een welvarende industriestaat. En wie knaken heeft, consumeert. De Zuid-Koreanen zijn dan ook meer, gevarieerder en uitgebreider gaan eten. Inmiddels heeft hoofdstad Seoul (populatie: 10.8 miljoen) zelfs de meeste eettentjes van alle hoofdsteden die deze wereld rijk is.

Hoofdstad Seoul telt iets minder dan 10.6 miljoen inwoners. Foto: Yonhap/EPA/ANP
Hoofdstad Seoul telt iets minder dan 10.6 miljoen inwoners. Foto: Yonhap/EPA/ANP

Weelderige welvaart heeft uiteraard een keerzijde: de voedselverspilling nam lange tijd toe. Rond 2005 produceerde Zuid-Korea zo’n 6.2 miljoen ton voedselafval per jaar. De overheid onderkende het probleem en besloot radicale stappen te zetten. Ze maakten het bij wet verplicht afval te scheiden en weg te gooien op daarvoor aangewezen plekken. Daarnaast werd voedselafval verbannen van vuilstortplaatsen. Dat hielp: in 1995 werd nog maar twee procent van de totale hoeveelheid voedseloverschot gerecycled -  in 2009 lag dat percentage al op 95.

Waar die recyclemanie toch vandaan komt?

De 33-jarige Shiko, die woont en werkt in Gangneung, wijst desgevraagd naar de stevige sociale controle: ’’Die is nogal groot hier. Als je afval op straat gooit, spreken je buren je er op dwingende toon op aan.’’ Wat ook helpt bij het keurig scheiden van afval, zijn de relatief hoge boetes die gelden voor vervuilers. Die kunnen oplopen tot 300 duizend Koreaanse won, omgerekend meer dan 220 euro. De Zuid-Koreanen zien er er de noodzaak van in en protesteren amper, vertelt studente Garam Eo (27) als we haar bellen. "We hebben een manier van leven nodig die voedselverspilling kan verminderen door bewust bezig te zijn met afval verzamelen. Dat past bij onze hoge levensstandaard.’’

Om ook de rest van het volk mee te krijgen, hanteert Zuid-Korea sinds 2010 een pay-as-you-waste systeem. Dat werkt als volgt: je koopt een afvaltasje in de supermarkt, waar je zelf je voedselresten in stopt. De aankoopprijs is direct je afvalbelasting. Het tasje dient daarnaast als controlemechanisme: je adres staat erop, zodat de staat kan checken wie zich wel of niet aan de afspraken houdt.

In hoofdstad Seoul gaan ze nog verder. Daar hebben ze sinds 2013 namelijk een pasjessysteem, waarbij je alleen betaalt voor je eigen stortgedrag. Het pasje houdt bij hoeveel afval je waar loost, waarna je aan het eind van de maand een geautomatiseerde rekening krijgt. Zo weet je precies hoeveel afval je stort, en hoeveel dat kost. Sinds de introducering van dit systeem is de voedselverspilling in de huishoudens van Seoul gedaald met 30 procent in 2015, en in restaurants zelfs met 40 procent. Het pasjessysteem wordt binnenkort ook ingevoerd in de rest van Zuid-Korea.

Hoe succesvol dit beleid precies is, blijkt deze winter. Dan komt de Zuid-Koreaanse overheid namelijk met een rapport over de vorderingen van de afgelopen vijf jaar. Om te laten zien dat het ze menens is, liggen de eigen ambtenaren ondertussen ook onder het vergrootglas. Op Zuid-Korea’s Ministerie voor Milieu staat sinds kort zelfs een boete op het niet leegeten van je bord in de bedrijfskantine. De boodschap daarachter is duidelijk: we nemen harde maatregelen, en ontzien daarbij niemand.

Het roept de vraag op: waarom gebeurt dit allemaal wel in Zuid-Korea, en niet in Nederland?

Headerfoto: Ed Jones/AFP/ANP