brandpunt+
brandpunt+

Komt een journalist op de markt. In Slotermeer

Door Jeroen Pen - in Brandpunt+

We gaan de hort op, goede vrienden. En wel hierom.

Vaak gehoorde kritiek: jullie van de media, jullie komen alleen langs als het ergens he-le-maal misgaat, maken daar een onheilspellend verhaal over en vertrekken vervolgens zo snel als maar kan weer naar de volgende plek waar onheil lonkt. Voor positieve verhalen is daardoor amper ruimte, laat staan voor kwesties waar bewoners van de wijk in kwestie (welke wijk dan ook) daadwerkelijk mee zitten. En zo gaat een groot deel van de media aandacht naar uitschieters, terwijl het incidentele al in dat woord besloten zit: positief of negatief, een uitschieter is een uitzondering, komt per definitie niet vaak voor.

Minstens even vaak gehoorde kritiek: de enige plek waar jullie je Hilversumse filterbubbel met enige regelmaat voor inruilen, is de grachtengordel. En daardoor, waarde journalisten, hebben jullie geen flauw idee van wat er in de wereld speelt.

In beide kritieken schuilt een kern van waarheid. Nieuwswaarde is een gecompliceerd goedje, dat zich nu eenmaal vaker uit een mengelmoesje van choquering en verontwaardiging laat destilleren dan uit bewondering en hoop. Bij Brandpunt+ doen we onze uiterste best constructieve journalistiek te bedrijven, maar ook onze nieuwsvergaderingen beginnen vaak met onrecht of ellende. Daarnaast: veel journalisten hebben simpelweg niet de tijd om eens rustig in een willekeurige wijk rond te snuffelen, aangezien de volgende uitzending of krant al weer opdoemt aan de horizon.

Dat is des te problematischer voor online redacties, waar journalisten nog steeds relatief vaak het leeuwendeel van hun dagen aan bureauzijde slijten, scrollend door tijdlijnen die – wonder boven wonder – gevuld zijn met content die het eigen gelijk vooral bevestigt, het eigen wereldbeeld vooral accentueert. En het is jammer.

Want schone taak van de media is toch: net zo vaak een deur open duwen tot je iets tegenkomt, vrágen aan mensen wat er speelt in plaats van het zelf invullen. Dat kost tijd, kan soms het equivalent van een spatie opleveren en herbergt dus een bepaald risico, vooral voor redacties die het noodgedwongen toch al met minder mankracht en middelen moeten zien te redden. Twitter biedt dan vaak uitkomst, beweren sommige vakgenoten. Dat klopt maar ten dele. Want laten we wel wezen: de belevingswereld en mening van iemand die níet de moeite neemt iets te roepen op sociale media, is onder de streep minstens even belangrijk als die van iemand die dat wel doet.

Daarom gaan we de komende tijd steeds vaker met de Brandpunt+ redactie de hort op. Als popup-redactie zullen we goeddeels willekeurig gekozen wijken aan doen, en vrágen wat er speelt. We noemen dit bubbelprik-festijn Out of Office, om redenen die naar ik hoop voor de hand liggen.

Een idee dat overloopt van de originaliteit? Mwoah, nee. Een revolutionair idee? Nee, natuurlijk niet – even oud als het ambacht zelf, vermoedelijk. Maar wel een buitengewoon belangrijk idee. Het vertrouwen in de media is historisch laag, en journalisten redeneren toch meestal vanuit hun eigen referentiekader. Daarom willen we, onbevangen en onbevlekt, vragen aan mensen wat ze meemaken. Wat wij missen, met onze WO-diploma’s, onze abonnementen op dagbladen en onze debatavonden in De Balie.

De eerste plek die we aandeden was Slotermeer, een wijk in het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West, dat liefst 167 culturen kent. Daar nestelden we ons op Plein 40-45, aan een winkelcentrum, op een voor de tijd van het jaar ergerlijk koele woensdag, tijdens de wekelijkse markt. Slotermeer zou je kunnen bestempelen als getroebleerde wijk: veel eenzaamheid, hoge jongerenwerkloosheid, meer eenoudergezinnen dan elders in de hoofdstad, veel laagopgeleiden (47 procent, tegenover een percentage van 26 in heel Amsterdam), een lage arbeidsparticipatie van vrouwen, en het was een van de plekken in Amsterdam waar vorig jaar nog anti-homo propaganda doodleuk door de brievenbus kwam. Nabijgelegen wijken als Slotervaart en Osdorp gaat het voortvarender; daar is al vele malen minder armoede.

Maar daar doe je de werkelijkheid maar deels recht mee aan, ondervonden wij woensdag. We spraken stadsdeelvoorzitter Achmed Baâdoud, een Marokkaans-Nederlandse homo, een hele rits marktkooplui, een medewerkster van een kapsalon, studentes die in ruil voor vrijwilligerswerk gratis in de wijk mogen wonen, en, zoals men placht te zeggen, nog veel meer. Onze bevindingen gaan we de komende week met jullie delen. De eerste, een interview van onze Pete Wu met een Marokkaans-Nederlandse homo, kan je hier vast lezen.

Goed initiatief, of stuurloos gemuts? Prachtige verhalen, of nietszeggende onzin? Laat ons vooral weten wat je vindt via Facebook, of gewoon, ouderwets via de mail.