brandpunt+
brandpunt+

De springplank van Özcan Akyol

Door Jeroen Pen - in Brandpunt+

In de serie Springplank vertellen bekende en minder bekende Nederlanders wie de bepalende persoon in hun carrière of leven is geweest. Wie ze tot grote hoogte stuwde, of juist uit een dal lanceerde. Ditmaal: romancier, columnist en televisiemaker Özcan Akyol (1984).

Özcan, als ik je vraag wie jou het best heeft geholpen, aan wie denk je dan?

“Ik ben onderweg wel geholpen, maar ik zou niet één iemand als springplank kunnen aanwijzen. Nee, ik denk niet aan een specifiek persoon, maar eerder aan een fenomeen: ontmoediging.”

Eh, hoe bedoel je?

“Ik word strijdbaar als mensen tegen mij zeggen dat ik iets niet kan, gedij goed bij tegenwerking. Toen ik voor het eerst een manuscript voor een roman had getikt, zat ik nog op de MBO. Daar leverde ik het hele pakketje – 50 duizend woorden schoon aan de haak – in bij mijn docent Nederlands. Het duurde heel lang voor hij reageerde, en toen hij dat uiteindelijk deed, was hij hard. ‘Özcan, je kan beter iets met je handen gaan doen, daar ligt je talent. Schrijven is te ingewikkeld voor jou.’ Toen dacht ik: ‘Wacht maar, klojo, ik ga je laten zien dat jij een marginaal figuur bent en dat ik wél talent heb."

Dat klinkt niet prettig. Ben je vaak zo behandeld?

“Ja, het begon al in groep acht. Ik haalde een goede CITO-score, waardoor ik Atheneum zou mogen doen. Hartstikke mooi natuurlijk. Maar mijn toenmalige juf geloofde niet in mij. Ze zei: ‘Je ouders spreken amper Nederlanders, je komt uit een achterbuurt, dus wie gaat jou helpen met je huiswerk?’ Heel vernederend als je een jongetje van twaalf bent. Alleen heeft mij dat juist geholpen. Ik hoef niet bewierookt te worden, duld geen jaknikkers. Geef mij maar tegenwerking. Dan wil ik ze juist laten zien dat ze er kilometers naast zitten.”

Dat is je aardig gelukt, als ik zo vrij mag zijn. Kreeg je op de middelbare school eigenlijk wel hulp?

“Niet echt, nee. Er was vanuit mijn omgeving nooit echt een intellectuele prikkel, een moreel kompas of überhaupt een goed voorbeeld. Daarom was literatuur enorm belangrijk voor me. Ik was een straatschoffie, had amper empathisch vermogen. Mijn wereld was klein: veel meer dan de buurt in Deventer waar ik woonde, kende ik niet. Boeken verschaften me toch toegang tot andere werelden. Op mijn vijftiende las ik over hoe het was in een gereformeerd milieu. Had ik nog nooit van gehoord. Yuppen? Wist ik veel. Een kunstenaarsscene? Het kwam niet in me op. Door literatuur leerde ik er toch over. En het werkte ook door, hè. Keek ik naar het journaal, begreep ik het ineens veel beter allemaal, omdat ik door het lezen extra kennis had opgedaan. De boeken hebben mij gered, hebben mij uit mijn milieu gesleurd. Als ik toen niet veel had gelezen, zat ik nu niet met jou te bellen. Daarom stimuleer ik kinderen ook een boek open te slaan.”

Hoe doe je dat?

“Ik ben betrokken bij Literatour, een boekenweek voor jongeren die september dit jaar plaatsvindt. Het geschenk bestaat uit drie verhalen, waarvan ik er één heb geschreven (de andere verhalen zijn van Mano Bouzamour en Elfie Tromp, red). Bovendien ga ik anderhalve week langs scholen. Om lezingen te geven, om de meerwaarde van literatuur te duiden, om te vertellen wat het voor mij heeft betekend.”

Klinkt als een waardevolle dagbesteding. Doe je dat vaker?

“Ja, en dan kom ik veel jongens en meisjes tegen met dezelfde achtergrond als ik. Dan bedoel ik niet per se dat ze Turkse ouders hebben, maar dat ze uit de arbeidersklasse komen. Dat hun vaders en moeders laagopgeleid zijn. Die kinderen moeten weten: je kan als dubbeltje geboren worden, dat betekent beslist niet dat je zo gaat eindigen. Niet dat iedereen schrijver moet worden, je kan ook iets anders gaan doen. Iedereen heeft zo z'n talenten. Mijn weg is die van de literatuur geweest.”

En die van de tegenwerking.

“En die van de tegenwerking, ja. Boeken en ontmoediging, die combinatie heeft me ver gebracht.”

Özcan Akyol (Deventer, 1984) verwierf in 2012 bekendheid met zijn door Prometheus uitgegeven en alom geprezen debuutroman Eus. In 2016 verscheen zijn tweede roman, Turis getiteld. Akyol heeft daarnaast een vaste column in het Algemeen Dagblad en schuift met enige regelmaat aan bij DWDD. Daarnaast maakte hij dit jaar voor NTR de vijfdelige serie De neven Eus, waarin hij in het licht van recente ontwikkeling zijn Turkse familie opzoekt. Die indrukwekkende serie gemist? Terugkijken kan hierrrr.

Headerillustratie: ons beeldwonder Hannah Vischer. Foto: Robin de Puy/Uitgeverij Prometheus